Journalist | Tekstschrijver | Redacteur | Rotterdam
Blog

Alle lampjes uit

Treinkaartje
Zaterdagavond, station Schiphol. Op het perron loopt een man met een groenige broek en kaki blouse. Grijs-wit kort haar boven op zijn hoofd, lange pieken achter in de nek. Ergens in de vijftig of zestig. Geruisloos beweegt hij zich tussen de wachtende mensen. Met een servetachtig-iets pakt hij papier en ander afval van de grond op en stopt dat in zijn plastic tas. Ik draai me om naar de klok. Ik hoop niet dat hij tegen me gaat praten. Ik wil hem eigenlijk niet zien. Ik vind het onaardig van mezelf. Nog 2 minuten.

Als de toeslagtrein is gearriveerd, ga ik in de bijna verlaten coupe zitten. 1e klas. Op station Almere had ik van een aardige (knappe eigenlijk) NS-medewerker een ‘overgang 2-1 dagkaart’ gekregen, voor gratis eerste klas reizen.

Opeens is daar de man weer. Terwijl hij door de coupe loopt, doet hij alle leeslampjes uit. Bijna onzichtbaar wijdt hij zich aan zijn taak. Alleen de lampjes waar niemand zit. Hij kijkt naar niemand, hij spreekt niemand aan. Hij maakt alleen de wereld een beetje netter. Hij zorgt ervoor dat er geen energie verspild wordt. Wat een lieve man, denk ik.

Zal hij wel een toeslagkaartje hebben? Zal de conducteur of conductrice zijn werk waarderen? Zullen ze hem geen boete geven? Of springt hij straks snel de trein weer uit, voor de deuren dichtgaan?

Zal hij straks naar huis gaan? Zal hij een huis hebben? Ik probeer niet te denken aan de berichten over dat er steeds meer verwarde mensen op straat leven.

Ik hoop dat hij iemand heeft die aardig voor hem is.