Tekstschrijver | Rotterdam
Blog

‘Sweet maar ondeugend’

Neus hond
Rotterdam West of Rotterdam Delfshaven, waar ik woon, wordt ook wel het wilde westen genoemd. Toegegeven, het kan er soms pittig aan toe gaan. Maar je kunt er ook veel leren over eten. En je woordenschat verbreden.

Het was niet mijn bewuste keuze om in West te gaan wonen, nu zo’n 9 jaar geleden. Ik had snel een huis nodig en toevallig streek ik hier neer. Een van de eerste weekenden stond de politie voor de deur. Of ik misschien iets had gezien van de steekpartij met dodelijke afloop de week ervoor bij de overburen?

Je moet dus niet de gevoeligste zijn, wil je hier wonen. In de jongerenflat aan de overkant wonen gasten die graag knoerthard optrekken met hun opgevoerde auto of brommer en met 120 kilometer per uur een rondje rijden op de rotonde. Ook ’s nachts. En ja, er zijn schietpartijen en overvallen.

Maar het heeft ook zijn leuke kanten. Zo kun je hier op elke straathoek lekker eten. Als je geen zin hebt om te koken, haal je roti of een broodje falafel. Als je in café Verhip zit, kan het zijn dat de Sambalman binnenloopt en de tafels langsgaat om zijn potjes sambal te verkopen. Na een avond met iets teveel wijn, doet een bara de volgende dag wonderen. Het is hier één grote melting pot: als ik namelijk een patatje mét wil, ga ik ‘even naar de Griek’. Deze snackbar waar je alleen maar oerhollands frituur kunt krijgen, werd tot een tijdje geleden gerund door een Grieks echtpaar.

Die diversiteit van de wijk is ook goed te merken als ik de hond uitlaat. ’s Avonds wordt er langs het water van de Coolhaven heel wat afgewerkt in de op en neer hopsende geparkeerde auto’s met beslagen ramen. Soms best gênant als je plots per ongeluk in het gezicht kijkt van een man of vrouw die net een momentje van ultiem genot beleeft. 

Het meest memorabele interculturele momentje met de hond was toen we tijdens het ochtendrondje 2 dames tegenkwamen. ‘Ah, kijk nou wat een lieve hond, hij lacht naar ons’, zei de ene dame. De hond, altijd nieuwsgierig en in voor aandacht, liep vrolijk kwispelend op hen af. Gewillig liet hij zich aaien. Hij kronkelde een beetje om de benen van de dames en toen gebeurde het. Zoals het een goede hond betaamt, stak hij pardoes zijn neus in het kruis van een van de vrouwen. Even snuffelen met wie hij nou te maken had. ‘Aai, nee, foei! Jij stoute hond, niet in mijn punani’, gilde de vrouw verschrikt over straat.

Snel trok ik de hond terug. ‘Sorry, dat doet die anders nooit’, stamelde ik nog. ‘Hij ziet er sweet uit maar hij is ondeugend’, zei de andere vrouw en schudde haar vinger naar de hond. ‘Ondeugend’, zei ze nog eens. Toen we verder liepen, keek de hond even naar me op. En lachte naar me. 

7 april 2013

O ja, voor de mensen die niet weten wat punani  is, klik hier. En probeer ook eens een bara.