Pasen komt eraan en dat betekent voor mij dat ik nog steeds, na al die jaren, de zelfgemaakte chocolade paashazen van mijn opa mis. Mijn opa is Joop Olijhoek, geboren op 5 maart 1918 en overleden op 13 december 1995. Mijn opa was, net zoals zijn vader, kok en banketbakker. De beste opa en banketbakker van de hele wereld.
Zo is mijn opa de ‘uitvinder’ van het oliebollenrecept van De Bijenkorf. Rond 1953 werkte mijn opa als banketbakker in warenhuis De Bijenkorf in Den Haag. Opa was een eigenwijze vent, hij wilde graag zijn eigen ding doen. Hij wist verdomd goed wat lekker was en daarom wilde hij graag het oliebollenrecept mét rozijnen doorvoeren. Zijn baas in de Bijenkorf bakkerij was huiverig en wilde er niet aan, oliebollen werden doorgaans zonder rozijnen gegeten.
Maar mijn opa was voor de duvel niet bang en op een avond, ergens in december 1954, maakte hij stiekem in de Bijenkorfbakkerij zijn recept. Zonder dat zijn baas het merkte, deed hij ze de volgende ochtend in de verkoop. Het bleek een schot in de roos: de bollen vielen in de smaak en zorgen direct voor een grote aanloop van klanten. Een nieuw succesnummer van De Bijenkorf was een feit en al snel werd het recept doorgevoerd in de andere vestigingen. Mijn oom Hans herinnert het zich nog goed: “Elk jaar stond pa in december tot diep in de nacht oliebollen te bakken. Als hij dan thuiskwam, stonk hij als een gek. Er gingen wel 50.000 bollen per seizoen door heen.”
Mijn opa heeft al zijn recepten opgeschreven die mijn moeder met trots heeft gebundeld. Voor mij heeft ze een kopie gemaakt. Bij het recept van de oliebollen schreef mijn opa: “Recept uit 1935 waarvan per jaar +/- 55.000 werden gebakken. Succes verzekerd.”

Haags hopje
Daarnaast was mijn opa in het bezit van het echte recept van het Haagse Hopje uit 1840 van de ontdekker meneer Nieuwerkerk. Het hopje heeft in Den Haag decennia lang voor strijd gezorgd, ook mijn opa was er boos over. Bij zijn recept schreef hij: “Noot: Nieuwerkerk is de ontdekker alwaar mijn vader heeft gewerkt. Rademaker heeft dit recept overgenomen en verder onder de Rademakers’ Haagsche Hopjes in de bekendheid gebracht.”
Tot zijn pensioen begin jaren 80 werkte mijn opa lange tijd ook nog als leraar op de banketbakkersopleiding van de François Vatel school in Den Haag. Samen met een vriend van hem, meneer Otten, leerden ze de bakkers in spe de lekkerste dingen maken. Met schwung en de nodige brutale flair. Want als mijn moeder jaren na zijn pensionering zijn naam liet vallen in een of andere bakkerij waar ze taart kocht, zei er altijd wel een bakker met een twinkelende blik: “Ha, Olijhoek hè, jaaaa, daar heb ik nog les van gehad.”
Snoopy-taart
Familiemythes of niet, mijn opa was echt de beste opa en banketbakker ter wereld. Opa was zo’n man die met je danste. Dan zette hij mij op zijn grote voeten en zwierden we samen de hele kamer rond. Ook maakte hij ooit eens een taart voor koningin Beatrix. Daar schepte ik graag over op natuurlijk. Toen er een feestdag was op de basisschool, nam ik mijn opa mee en maakte hij marsepeinen figuurtjes voor alle kinderen.
Voor de verjaardagen van al zijn kleinkinderen (12 in totaal) maakte hij ieder jaar opnieuw een persoonlijke taart. Zo heb ik onder andere een Holly Hobby taart, Snoopy taart en Garfield taart gekregen. Mijn beste vriendinnetje Simone, woonde tegenover mij in de straat en was ook gek op al het lekkers dat hij maakte en snoepte graag mee van mijn taarten en chocoladehazen. Maar ook zij kreeg van opa een taart met haar verjaardag en een haas met Pasen.
Mijn oma overleed toen mijn opa net een paar jaar met pensioen was. Opa’s kleinkinderen, Simone en ik werden ouder en de taarten en paashazen stopten. Simone en ik experimenteerden af en toe zelf met bakken en maakten dan reuze moorkoppen (erg aan te raden overigens). Opa had het plezier in bakken verloren, mede door zijn lichamelijke gebreken. Groot en sterk als hij altijd was geweest, kon hij dat maar moeilijk verkroppen.
Blikken vormen
Na zijn dood zette mijn moeder de blikken vormen van de paashazen (en haan) als pronkstukken in de kast. Elke keer als ik thuiskwam en ernaar keek, rook ik de chocola en proefde de bijzondere structuur in mijn mond. Omdat ik het jammer vond dat ik geen haas meer kreeg met Pasen, schreef ik in 1998 een brief naar ‘Heb je een wens, vraag het de VARA’, onderdeel van het radioprogramma De Steen en Been Show. Een brief inderdaad, want bij de radio hadden ze toen nog geen mail. Mijn wens was om samen met Simone, met wie ik nog steeds de liefde voor chocola deel, de vormen van opa te gebruiken en chocolade hazen te maken.

Ik gokte erop dat mijn wens anderhalve week na het versturen van de brief in het programma behandeld zou worden. Die middag had ik het zo geregeld dat Simone, die van niets wist, gezellig bij mij thee kwam drinken. De radio stond aan en we kletsten een eind weg terwijl ik met een half oor naar de radio luisterde. Opeens hoorde ik presentator Jack Spijkerman mijn naam noemen met de mededeling dat hij mij ging bellen. Ik speelde verbazing en zei “Dat zal ik toch niet zijn?” Toen direct daarna mijn telefoon rinkelde, hield Simone het niet meer en gilde het uit. Een kwartier lang heeft Jack Spijkerman geprobeerd een gesprek met ons te voeren maar hij hoorde niets anders dan gegiechel in de ether. Maar aan het eind was het duidelijk: we mochten op een banketschool in Leiden chocoladepaashazen gaan maken!
Hakken, smelten en roeren
Enkele weken later was het zover en stonden Simone en ik tussen de leerling bakkers met hun docent. Ik had de blikken vormen meegenomen. De docent vertelde dat we die niet gingen gebruiken: te bewerkelijk en te ambachtelijk. Daarom gingen we met plastic hazen, kippen en eieren aan de slag. Chocola hakken, smelten, roeren, op temperatuur föhnen roeren, gieten, af laten koelen, details schilderen. Om het een beetje goed te maken dat we de vormen van mijn opa niet gebruikten, mochten we zoveel maken als we wilden. En meenemen. Met tassen vol chocola gingen we naar huis. Wekenlang hebben we nog chocola verorberd.
Helaas heb ik het talent voor bakken niet geërfd van mijn opa maar zijn liefde voor taart, chocola en koekjes zit bij mij net zo diep. De blikken vormen staan nog steeds te pronken in de kast bij mijn moeder. En met kerst haal ik natuurlijk altijd wat oliebollen bij De Bijenkorf.
Voor wie benieuwd is naar het recept van de oliebollen of hopjes: dat geven we met plezier. Ook de vormen lenen we graag uit. Maar wel in ruil voor het eindresultaat en flink wat chocolade paashazen natuurlijk!



